Tagarchief: column

Vuil spel

Tijdens een spelletje monopolie wat geld van je neef doen verdwijnen terwijl hij een sanitaire time out neemt, in de reflectie van het raam de UNO-kaarten van je medespeler bestuderen, tijdens een spelletje trefbal – door sommigen beter gekend als tussen twee vuren – collectief uitroepen dat de bal de grond niet geraakt heeft, “en wij kunnen het weten want we staan er dichter bij”,… Wie durft er in eer en geweten en met de hand op de Bijbel te beweren dat hij nog nooit heeft valsgespeeld? Valsspelen, trichen, is net wat een spel leuk maakt. Of niet?…

Er bestaan zelfs spelletjes waarin het door de regels toegestaan wordt om vals te spelen, zolang je maar niet betrapt wordt. Zo niet in een sport. Als je ergens een competitie van maakt, wordt het omzeilen van de wet eensklaps niet meer als creativiteit en handigheid aanzien, maar als vuile valsspelerij. Echter, niet altijd wordt vals spel bestraft: een historisch voorbeeld mogen we in menig film aanschouwen: de Oud-Romeinse slechterik bevestigt vlijmscherpe messen aan de wielen van zijn paardenrenwagen, waarmee hij tijdens de race vakkundig de wielen van zijn concurrenten probeert te doorboren. Ongestraft, want de Romeinse keizer is al even corrupt als Iljoemzjinov.

Wat ons geruisloos bij het schaken brengt. Ook deze door ons allen heel geliefde denksport biedt ons tal van voorbeelden van spelers die hun tegenstander gewelddadig proberen uit te schakelen: heel bekend is een zekere dr. Zhoukhar, die in de zaal zat tijdens de WK-match tussen Kortchnoi en Karpov, en er via een soort van hypnose voor zou hebben gezorgd dat Karpov de match won. Hoogstwaarschijnlijk pure paranoia van Kortchnoi, die dan maar een zonnebril opzette, maar op een wereldkampioenschap weet je natuurlijk nooit.

https://i0.wp.com/magiers.de/schach/kortschnoi-karpov.jpg

Ook onschuldige grapjes gaan vaak over het met fysiek geweld uitschakelen van je tegenstander: tegen de schenen schoppen, tijdens een partijtje voetbal tussen twee fases door “per ongeluk” iemand onderuit halen,… Zo lang onschuldige grapjes onschuldig blijven, is er niets aan de hand. Erger wordt het wanneer de grapjes geen grapjes meer zijn maar uit de hand lopen. Er doen verhalen de ronde over moordpartijen na onenigheden tijdens schaakwedstrijden. We mogen ons gelukkig prijzen dat onze Belgische vrouwenkampioenes tot een compromis zijn gekomen, want was één van de twee meisjes wat meer als koning Knoet II de Grote geweest, dan liep heel schakend België nu in het zwart gekleed.

Er zijn natuurlijk heel veel verschillende manieren om vals te spelen. Heel berucht in het schaken is de computer. Je verbergt een oortje in je oor of een zakcomputertje in je zak, en je speelt slaafs wat de computer je opdraagt. Van schaken is er hier helemaal geen sprake meer, laat staan van plezier in het schaakspel. Het enige wat je drijft, is pure eerzucht. Alsof je de Tour de France zou proberen te winnen op een bromfiets. Het zou er nogal ridicuul uitzien.

Even belachelijk: wanneer er tijdens het schermen iemand met een floret aan de zijlijn stond om je tegenstander af en toe een extra steekje te geven. In het schaken is het misschien een tikkeltje minder zichtbaar en daardoor minder unaniem afgekeurd, maar we kennen er exact hetzelfde fenomeen: een kameraad die je tijdens het rondlopen tips geeft over je partij, al dan niet met verkeerde bedoelingen.

Je kunt niet over vuil spel spreken zonder gewag te maken van het grote dopingspook dat de sportwereld al jaren in zijn greep houdt. Wielrenners vallen met hopen van hun schavotje, Olympische medailles moeten herverdeeld worden na dopingschandalen,… Beoefenaars van populaire sporten moeten op om het even welke dag van het jaar bereikbaar zijn, en schakers wordt gevraagd om in een potje te plassen op de Olympiade. Groot protest natuurlijk: doping in het schaken, bestaat dat wel? Welke stimulerende middelen moeten als doping beschouwd worden en welke niet? Is rilatine doping omdat dit medicament het concentratievermogen aanscherpt? Is cafeïne doping omdat het je minder moe maakt? Druivensuiker, omdat het je een energieboost geeft? Mag je nog eten, drinken en roken tijdens het spelen? Waar trek je de grens?

Ook de gokchinees is intussen een bekend begrip in Belgenland. Schaakfabriek’s eigenste gokchinees is voor zover we weten nog niet malafide, maar zijn voetbalminnende naamgenoot heeft wat meer kaas gegeten van omkoperij. Niet dat omkoping in het schaken niet voorkomt; het is er schering en inslag! Hoeveel tornooien eindigen er niet met een snelle remise van de leider, die aan een half punt voldoende heeft voor de zege? Bijna niemand vindt die snelle remises vuil spel; de persoon in kwestie staat nu eenmaal een punt los bij het ingaan van de laatste ronde, en zijn tegenstander is meestal maar wat content met dat halve puntje extra. Minder proper wordt het wanneer, zoals ik eens heb meegemaakt op het EK Jeugd, iemand zich met opzet laat verliezen om de scheidingspunten een duwtje in de goede richting te geven. De door heel wat Belgen geliefde Française Natacha Benmesbah zag haar prachttornooi zo ietwat ongelukkig in een 2e plaats eindigen, omdat het hele Russische team besloot samen te spannen in de strijd om scheidingspunten.

Met al die verschillende mogelijkheden zou een mens het nog spijtig gaan vinden dat schaken niet zomaar een spel is maar een sport, zodat paranormale gaven, een mes in de aanslag om eventuele onenigheden op te lossen, een thermoskan koffie, spleetoogjes en een portefeuille vol geld ons zondag in de voorlaatste en ongetwijfeld spannende interclubronde niet die zo verlangde winstpartij kunnen verzekeren. Door de regels gebonden kunnen we immers helaas enkel beroep doen op wat er tussen onze oren zit.

Advertenties