Zonder jou kan ik niet zijn
Wat mijn vrienden altijd in me zien.
Zonder jou ben ik koud en klein
Weet ik niet zo goed waarvoor ik dien.
Het lijken wel profetische woorden; enkele maanden na haar breuk met Marianne wist Yasmine (ik weiger haar Hilde te noemen, want zo ken ik haar niet) inderdaad niet meer zo goed waarvoor ze diende. Nu is Yasmine niet meer. Requiescat In Pace, dat spreekt voor zich.

Veel mensen zijn aangedaan door haar plotse overlijden. Omdat het raar is als iemand er plots niet meer is. Omdat ze heel geliefd was in Vlaanderen. Omdat je geen twee avonden tv kon kijken zonder haar te zien verschijnen. Omdat men naar haar opkeek, omdat ze voor velen een groot voorbeeld was, een rots in de branding, een sterke vrouw.
Een sterke vrouw. En toen kwam de liefde. Als zelfs de sterkste vrouw aan de liefde kan bezwijken…
Bijna een jaar geleden werd ik gedumpt, zoals men zo mooi metaforisch de verlaten en smachtende ex-geliefde met vuilnis verbindt. Voor het eerst in mijn leven kwam toen de gedachte in mij op dat liefde wreed is, verraderlijk, vals en vooral gevaarlijk. Ik zag wat de liefde met mij aanving, en hoewel ik me er zo duidelijk van bewust was dat ik me niet door haar mocht laten doen, werd ik meegesleept in die draaikolk van emoties. Ik zag ook wat de liefde met anderen deed, en hoewel de situatie, en dus ook het effect, totaal anders was, bleek duidelijk de macht die de liefde ook over die ander had. Voor mij was het duidelijk: liefde is gevaarlijk, té gevaarlijk. Geniepig biedt ze zich aan en vertaalt ze zich in euforische gevoelens, en voor je het weet ben je jezelf niet meer. Tot ze zich verveelt, en beslist een spelletje met je te spelen. Je wordt gedumpt en elke zekerheid die je in je leven had, ontneemt ze je.
Het is niet echt je liefdesverdriet die je diep doet gaan, het zijn de deuken die dat liefdesverdriet aan je zelfbeeld toebedeelt. Je verliest niet alleen de persoon waarvan je hield en waarvan je dacht dat die ook van jou hield; je verliest elke houvast, elk onderdeeltje van je wereldbeeld blijkt plots een waanbeeld.
Maar mensen zijn vaak sterker dan ze zelf voor mogelijk houden. Iedereen wordt wel eens gedumpt, en meestal overleef je dat wel. Je slaagt erin om uit die put te klauteren en je zin om te leven is plots groter dan ooit.
Maar blijkbaar niet altijd. Yasmine vond de put blijkbaar te diep, blijkbaar zag ze geen reden meer om te klimmen en te vallen en weer te klimmen en weer te vallen en weer te klimmen. Dat maakt die sterke vrouw niet zwakker dan zij die er wel in slagen. Vaak is het een kwestie van één moment, van één detail. Van een doel dat je nog niet of net wel al bereikt hebt. Misschien is het net haar succes dat haar de das omgedaan heeft.
De dood van een persoon kan zelden iets goeds zijn. Van bepaalde individuen uit de wereldgeschiedenis kunnen we daar nog over discussiëren, maar Yasmine is duidelijk niet één van hen. Ik hoop alleen dat haar dood zich niet tot een ramp ontpopt. Na haar dood kreeg de zelfmoordlijn drie keer meer oproepen, vooral van jonge – lesbische – meisjes die zo heel erg naar haar hadden opgekeken en plots geconfronteerd werden met het feit dat het niet allemaal rozengeur en maneschijn is. Als je diep zit, is er nog steeds die kracht, de wetenschap dat het ooit weer beter wordt, al lijkt het op dat moment moeilijk te geloven. Op zulke momenten moet je je concentreren op de rozengeurverhalen die je overal om je heen hoort, en niet op het lot van Yasmine. Ik ben er zeker van dat zij, toen ze in die boom klom, niet de bedoeling had een nieuwe Werther te worden.
Mooi geschreven!
R.I.P. staat voor Requiescat In Pace, doch dit geheel terzijde.
Ok, dat heb ik dan maar gauw aangepast. Ik moet dringend leren om dingen op te zoeken als ik niet 100% zeker ben…
De liefde speelt nooit spelletjes. De mensen wel.
De liefde verveelt zich nooit. Ze groeit.
De liefde is niet verraderlijk. Als mensen alles verliezen, is de liefde het enige wat overblijft.
De liefde is niet vals. De liefde laat los.
De liefde is niet wreed. Ze is meedogend.
Mensen verwarren liefde vaak met verlangen en hebzucht. Heb je de ander lief, of eigenlijk jezelf? Pas als je de ander helemaal kunt loslaten, heb je haar of hem lief…
Makkelijk is ze niet, de liefde