Archief voor juni 2009

Sois toi et t’es belle

Plus belle que jamais

tu parades sur le bord de la rivière

ton sourire fait rougir les lapins

et tes yeux font briller le soleil.


Et moi.

Je te regarde, et je n’existe plus

qu’à travers toi.

Je suis ta réflexion dans l’eau.

Deze krabbels vind je terug in mijn cursus Historische Nederlandse Taalkunde. Veel Nederlands staat er precies niet tussen…

Tu es l’ombre de mon bonheur

tu es mes larmes quand je pleure.

Mes songes heureux ainsi que mes maux.

T’es l’objectif de tous mes mots.

Ja, ik schaak. En dan?

Als puber heb ik een tijdje naar ‘Popular’ gekeken, zo’n typische Amerikaanse tienerserie op VT4 waar je in de vooravond, als het een beetje meeviel tijdens het 7 uur journaal, gedachteloos naar kon liggen staren. Een serie over grote tieneronderwerpen als liefjes, populariteit, vrienden, liefjes, ouders, liefjes, en op een dag – ik sprong een figuurlijk gat in de lucht – was er sprake van een schaakclubje…

Over stereotiepen gesproken…

Stereotiepen zullen er altijd bestaan, maar stereotieper dan dat schaakclubje in die serie, daar zul je al moeite voor moeten doen. Kleren naar alle waarschijnlijkheid gekocht door de mama (al moet het gezegd, een mama met een serieus gebrek aan smaak) en ’s morgens klaargelegd door het blinde broertje, een wereldvreemde blik die van achter grote, onelegante brilglazen naar een punt staart dat overal behalve in de buurt van de gesprekspartner kan liggen, kapsels waarover we maar zullen zwijgen, en een gevoel voor humor (die met de beste wil ter wereld geen humor kan worden genoemd) dat voor een teveel aan akelige lachsalvo’s zorgde.

U begrijpt waarschijnlijk wel dat de titel van het programma niet op dit gezelschap sloeg? Het gat in de lucht werd algauw weer een gat op de zetel, en de dag erna klonken in de woonkamer weer berichten over oorlog en politici en oudste mensen van België die vredig in hun slaap waren heengegaan en nieuwe oudste mensen van België die ons als tip meegaven dat zij elke dag een reep chocolade naar binnen speelden.

Zo worden wij, schakers, maar al te vaak voorgesteld in films en series. We zouden het liever anders zien. Echter, waar rook is, is vuur, wordt vaak beweerd, en dus is het misschien geen slecht idee om onszelf eens een spiegel voor te houden.

Het echte leven is natuurlijk niet zo eenzijdig als een goedkope tienerserie. We zouden kunnen stellen dat er evenveel soorten schakers zijn als dat er spelers zijn, maar laat dat u in geen geval beletten om eens de hand in eigen boezem te steken en uzelf na een flinke portie zelfreflectie in één van onderstaande categorieën onder te brengen; misschien een ideetje voor extra nevenklassementen op de zomertornooien?

We laten de nerds de spits afbijten, iets wat ze zelden of nooit doen. Herkent u zich min of meer in het hierboven geschetste beeld, dan voelt u nu waarschijnlijk het angstzweet al uitbreken. U draagt een bril, wellicht omdat u zonder heel moeilijk in de gaten kunt houden of het uw beurt is of die van de tegenstander, wanneer u de partijen volledig in u opnemend de speelzaal doorslentert. U bent heel dankbaar als uw tegenstander na de partij nog even wil analyseren, want soms snakt u wel naar sociaal contact – uw papegaai vertikt het om te leren spreken. Helaas, het nakeuvelen beperkt zich zo goed als altijd tot schaaktechnische details, want uw tegenstanders verkeren net als u meestal in de hogere regionen van het klassement.

Die regionen waarin een amoureuze partner overbodige luxe is, om niet te zeggen een blok aan uw been. Hoe zou zij u immers ooit zo goed kunnen verstaan als uw schaakkompanen, waarbij u vaak aan één woord genoeg hebt om een hele partij op te roepen? Omdat u dus toch niet op zoek bent, vindt u het ook tijd- en energieverspilling om u zorgen te maken over uw ‘look’. Een trui is een trui en een broek is een broek, lang in de winter en kort in de zomer. ’s Zomers draagt u sandalen want voor schoenen is het te warm, maar uw kousen – witter dan wit – zijn heilig en sieren de onderste helft van uw kuiten. Het t-shirt dat u op dit of dat tornooi gratis hebt gekregen, is het pronkstuk van uw outfit. Uw hobby’s? Schaken. Uw beroep: iets met wiskunde of informatica. Uw lievelingsdrank? Koffie.

Een categorie waar we niet zomaar aan voorbij mogen gaan, is die van de stille muis, al hadden de desbetreffende spelers misschien liever gehad dat we hen eventjes uit het oog waren verloren. De stille muis is blij dat hij schaakt, omdat hij er enkel dan in slaagt om in een tête-à-têtepositie te zitten met een ander menselijk wezen. Rondlopen is niet aan hem besteed; als zijn stoel leeg is, kan je hem op het toilet terugvinden, al is het niet zijn bedoeling dat je hem zoekt. Ons muisje kleedt zich met smaak; sokken in sandalen zijn net iets te opvallend, als je het hem vraagt. Aangezien hij rondloopt noch opkijkt, zijn zijn resultaten benijdenswaardig. Tornooien winnen is echter niet aan hem besteed, maar dat vindt hij niet erg, want podiumvrees is hem niet vreemd. Het geheim van zijn Poulidorgehalte? Wanneer de mat nadert, worden de zenuwen ons muisje te veel. Zijn angst betreft niet het resultaat van de partij, maar wel de gevreesde woorden die zijn tegenstander tijdens het rechtzetten van de stukken wel eens zou kunnen uitspreken: “Wil je analyseren?” Zijn hobby: lezen. Zijn beroep: archivaris. Zijn lievelingsdrank: kraantjeswater.

“Bullshit”, denk je nu? Zo zit jij helemaal niet in elkaar? Misschien ben jij dan wel eerder de sex, drugs ‘nd chess’er. Als er een tornooi is, ben je er als de kippen bij om de bar uit te testen. De barvrouw is dan ook altijd de eerste die je de hand schudt, en aanmelden is iets waar je pas aan denkt nadat je je portefeuille hebt uitgehaald om haar je eerste pintje te betalen. Je vloekt hard op de nieuwe fide-regel die gebiedt dat je klokslag beginuur aan je bord zit, want als je ergens niet graag zit, is het daar wel. Wie je zoekt, denkt pas in de laatste plaats aan je plaats. Meestal heeft hij je al veel eerder gevonden, op je geliefde barkruk of buiten terwijl je staat te paffen, of ergens tussenin, socialisend terwijl je om de vijf stappen je broek optrekt en je schoenen dreigt te verliezen.

Bier Over je resultaten is het moeilijk me uit te spreken; misschien speel je, al dan niet door de geestesverruimende invloed van de middelen die je tot je neemt, iedereen naar huis, of misschien is het vergif van de vorige avond nog niet uit je lichaam verdwenen en houd je je meer bezig met het stuk uit je kraag dan met de stukken op je bord. Ochtendrondes zijn in geen geval aan jou besteed; laat-avondanalyses zijn dan weer helemaal jouw ding. Vooral wanneer de notitieblaadjes plaats maken voor bier en de après-chess in de vorm van een potje bierschaak begint. Je hobby? Feestjes! Je beroep: student, zo lang mogelijk. Je lievelingsdrank? E duuveltjen.

Mannen blijven natuurlijk mannen, en schaken zou geen ventensport zijn als in ons midden niet ook het type van de rokkenjager zich zou bevinden. Ook de rokkenjager is vaak aan de bar te vinden, aangezien zich achter die toog veelal de helft van het vrouwelijk schoon verschuilt. Aan zijn bord zit hij alleen wanneer dat een strategisch ideale plaats is om een meisje te observeren. Van veel concentratie kan er duidelijk geen sprake zijn, en maar al te graag grijpt de rokkenjager dit aan als excuus voor zijn veelal abominabele resultaten. Wij weten echter beter; veel intelligentie (en om te schaken kan een minimum aan intelligentie geen kwaad) hoeft een wezen niet te bezitten om te beseffen dat schaaktornooien niet echt de plaats zijn om op jacht te gaan. Om elkeen de kans te geven om in het schaken zijn prooi te vinden, moet de harem van een schakende vrouw meer mannen tellen dan dat een schaakbord velden telt. Bovendien, zoals de gokchinees ook al aangaf, zijn vrouwen allesbehalve prestatiebevorderend – al lijkt Adrian Roos soms de uitzondering die de regel bevestigt.

Zelfs als een grove blunder (“een mens kan niet constant geconcentreerd zijn hé”) een abrupt einde aan zijn nog niet tot in een interessante fase gevorderde partij gemaakt heeft, vind je de rokkenjager nog uren aan de analysetafel; hoe langer hij blijft plakken, hoe groter de kans dat hij met zijn vanmorgen nog gestreken hemdje indruk maakt op één van de aanwezige dames – als de barvrouw hem op vriendelijke maar uitdrukkelijke wijze verzoekt om haar nu toch maar eens te laten afsluiten, is hij in één klap al zijn nederlagen vergeten. Zijn hobby: strandwandelingen bij stralende zon. Zijn beroep? Iets waar je een secretaresse voor nodig hebt. En een poetsvrouw, als het even kan. Zijn lievelingsdrank? Whatever she gets.

Uiteindelijk heb je ook nog de schakende vrouw. Aangezien vrouwen toch duidelijk niet voor het schaakspel gemaakt zijn, kan er maar één reden zijn waarom wij ons met het schaakspel bezig houden: om een man aan de haak te slaan. Hoera voor de rokkenjagers! Bijgevolg zijn we stuk voor stuk mannenverslindsters. Gewapend met een decolleté kijken we meer in de ogen van onze tegenstander dan naar de stukken op ons bord. Niet te verwonderen dus dat we vaak in de onderste regionen van het klassement terug te vinden zijn. Het wordt zo vaak gezegd, maar het is een waarheid als een koe: verliezen van een vrouw is een schande! In de zaal rondparaderen doen wij om de mannen te keuren en opdat iedereen ons nieuwe rokje gezien en onze nieuwe naaldhakken gehoord zou hebben. Onze hobby? Mascara opdoen. Ons beroep? Iets met veel mannen. Onze lievelingsdrank? Warm water met planten in.

Ja, ik schaak. En dan?

Verkiezingen

Wie deze voormiddag zijn huis verlaten heeft – en dat zal zowat iedereen boven de 18 zijn – kon er niet naast kijken: vandaag was er iets speciaals te doen. Verkiezingen. Omdat we in een democratie leven en omdat in een democratie “iedereens stem telt”, zal ik ook eens mijn stem laten horen.

http://mastermaup.web-log.nl/mastermaup/WindowsLiveWriter/LAATUWSTEMHOREN_EEC3/Stemmen%20-%20potlood%5B3%5D.jpg

Laat het vooral duidelijk zijn: ik vind democratie overroepen. Wat er dan wel goed is? Geen idee. Niets waarschijnlijk. Dat de domme massa (want geef het toe, de massa is altijd dom) mag beslissen wie er in ons land aan de macht komt, tot daaraan toe. Maar dat een individu met goede ideeën enkel actie kan voeren door met de grenzen van de legaliteit te flirten, dat vind ik jammer. Iemand met een crimineel idee maar met veel stemmen, die heeft gelijk, en iemand met een geniaal idee waar de machthebbers het niet mee eens zijn, die kan enkel iets veranderen door middel van niet zo legale acties, waarna hij als boeman afgeschilderd wordt en er enkel nog in slaagt om steun te vinden bij wie hem sowieso al aanhing. Ja, ik wil me neerleggen bij de mening van de massa, als het dan toch echt moet, maar nee, ik wil er niet op afgerekend worden. Stel dat ik Franse was, dan had ik wellicht voor Royal gestemd. Pech voor mij, Royal heeft het niet gehaald. Door die luttele 7 procent verschil word ik dan een hele ambstermijn lang bestuurd door een man wiens ideeën mij totaal niet aanstaan. En ik ben niet alleen: 47% van de stemmers delen mijn lot. Of ook nog: ze beloven ons vanalles, en eens ze aan de macht zijn, kunnen ze doen wat ze willen. Is er in die twee jaar na de federale verkiezingen al iets gebeurd? Neen. Ze hebben een mooi excuus: eerst was de hervorming het belangrijkst, daarna genoot de financiële crisis alle aandacht. Leuk voor die azielzoekers, gehandicapten en werklozen, die elke dag opnieuw hun eigen crisis moeten leven.

http://steenwijkerland.sp.nl/include/afd/afd_pickies/stemmen3.jpg

Neen, ik heb het niet zo voor de democratie. Ik heb echter niet zo veel kaas gegeten van politiek, en zo lang ik geen politieke en sociale wetenschappen gevolgd heb, doe ik er volgens bepaalde mensen beter aan om te knikken en te zwijgen. Mooi niet. Op de dag van vandaag wordt mijn stem gehoord, zoals ik al zei.

Maar we houden het braaf en stippen slechts enkele werkpuntjes aan.

Ten eerste vind ik het allesbehalve democratisch dat ik al West-Vlaamse enkel op West-Vlamingen mag stemmen. We leven in een samenleving waarin regionalisme toch al lang achterhaald is. Ja, ik ben trots op mijn West-Vlaamse roots, maar als een Limburger (ja, zélfs een Limburger) naar mijn bescheiden mening meer geschikt is om mijn mening te verkondigen, dan wil ik het recht hebben om die Limburger aan de macht te stemmen. Net zoals ik bij de federale verkiezingen wil kunnen kiezen of ik voor een Vlaming of voor een Waal stem.

Ten tweede: we werken met stemmen pro, maar waarom niet met stemmen contra? Populisme wordt op die manier meteen een stuk de kop ingedrukt en dan zal de nadruk misschien weer wat meer liggen op waar het écht om draait: standpunten. Geen affiches meer met een vertederend Arisch kindje met een Vlaamse vlag op zijn wang en een slogan “Dit is ons land”, waar alleen de mensen die het Vlaams Belang toch nooit voor zich zouden kunnen winnen, de ridiculiteit van inzien. Voor elke stem die een persoon uit de onwetende massa op deze onpopulaire partij uitbrengt, krijgt het VB gegarandeerd een stem tegen. Dan zullen we eens zie hoe rechts ons land écht is. Hoe een mens is, wordt vaker duidelijk aan de hand van tegen wie die persoon is, dan aan de hand van vóór wie hij is.

Ten slotte: is het niet mogelijk om de mensen voor standpunten te laten stemmen in de plaats van voor partijen? Waarom moeten we op een totaalpakket stemmen, waarvan de helft populistische zever is, en waarvan je pas kunt weten wat wel en wat niet populistische zever is als je helemaal into politiek bent? Populaire standpunten worden door alle partijen aangegrepen om sympathiek over te komen. Taboe-uitspraken doe je niet, ook al denk je ze. Wel, laat ons stemmen voor wat wíj belangrijk vinden, wat wíj willen, en vorm dan een regering die rekening houdt met de mening van de burger. Dát is democratie.


Volg je neus,

dan kom je er wel!

a

Jij bent bezoeker

  • 43,455

Ik tel de dagen…

juni 2009
M D W D V Z Z
« Mei   Jul »
1234567
891011121314
15161718192021
22232425262728
2930