Archief voor mei 2009

De jeugd van tegenwoordig

De jeugd van tegenwoordig. Al wie al een beetje op jaren is, van mensen met een witgrijs kapsel tot mensen bij wie de eerste grijze haartjes nog jaren op zich zullen laten wachten, kan er een boek over volschrijven. Ja, ook ik bezondig mij soms, al dan niet schertsend, aan het uitspreken van de woorden uit de titel, gevolgd door een niet al te positieve karakterisering van de door die woorden aangeduide bevolkingsgroep. Het moet echter gezegd, soms zijn ze nog van de kwaadsten niet. Ethan McNamee bijvoorbeeld mag wat mij betreft binnen een tiental jaar wel zijn kans wagen in de Amerikaanse presidentsverkiezingen (al hoop ik stiekem dat het rode continent zo lang niet meer zal moeten wachten voor ze een ethisch progressievere kant opgaan).

Ok, zijn speech is niet perfect en ok, zijn woorden zijn op zijn minst gestuurd, maar die jongen spreekt met zo veel enthousiasme, hij begrijpt duidelijk wat hij zegt en hij gelooft ook duidelijk wat hij zegt. Kinderlijke eenvoud, kinderlijke logica: waarom zouden mensen die elkaar graag zien, niét het recht mogen hebben om bij elkaar te zijn als ze ziek zijn of sterven? Een grote pluim voor de jeugd van tegenwoordig!

Alles wat je ooit al over het Franse adjectif total wilde weten

Wordle heeft een kunstwerkje gemaakt van het deel van mijn thesis dat over total handelt. Of hoe een thesis leuk kan zijn…
total

Schaken is geen cafésport meer

De Paasvakantie ligt alweer een tijdje achter ons, de heimwee naar Houffalise zou stilaan aan het wegebben moeten zijn. April is, met het Belgisch jeugdkampioenschap, jaarlijks dé maand van het jeugdschaak. Ruim 250 jonge schakers offerden een groot deel van hun paasvakantie op om negen dagen op rij verscheidene uurtjes achter een bord te verdwijnen.

Jeugdschaak in de lift? Of is dat een cliché dat nergens op gebaseerd is?…

De jeugd van vandaag heeft geen respect meer voor de ouden van dagen

Als je weet wat vaak de alternatieven zijn (verjaardagsfeestjes, uitstapjes (van het zwembad over het bos tot de cinema of een pretpark), voor de iets ouderen elke avond wel ergens een feestje met veel drank (al moeten we toegeven dat het BK wel één groot langdurend feest veel met drank lijkt bij sommigen), dan kunnen we niet anders dan concluderen dat schaken de jeugd iets te bieden heeft.

En omgekeerd heeft de jeugd het schaken ook iets te bieden. Aangezien volgens het cliché de toekomst aan de jeugd is en jong geleerd oud gedaan is, zijn de poulains van vandaag de meesters van morgen. En van vandaag. Want de jeugd van tegenwoordig heeft geen respect meer voor de ouden van dagen. Hun rating schiet de lucht in als was het een raket.

SoorsTanguy Ringoir, 14 jaar, hoeft maar 22 Belgische schakers meer voor zich te dulden in het klassement en ook Thibaut Maenhout (19), Robin Leenaerts (18), Nils Nijs (15), Glen De Schampeleire (16) en Nicolas Vanderhallen (19) behoren tot de 100 beste schakers van het land. Dat deze jonge knapen vaak zelfs ondergeklasseerd zijn, bewijzen de vele IM-normen die dit gezelschap al bijeensprokkelde. Om van de gedeeld tweede plaats van Stef Stunt Soors op het wereldkampioenschap nog maar te zwijgen.

Dat er voor de toppers veel gedaan wordt, dat weten we. Al jaren worden er schaaklessen georganiseerd voor de topjeugd. Zo wordt de top steeds beter, bereiken die spelers duizelingwekkende hoogtes en blijft de rest verweesd achter. Je zal maar een net niet topper zijn, zo eentje die net het niveau niet haalt om tot die lessen uitgenodigd te worden; gegarandeerd hots je het jaar erop nog dat tikkeltje meer achter de feiten aan, en nog een jaar later moet je je erbij neerleggen dat zij je boven het hoofd gegroeid zijn.

Jeugdschaak begint structuur te krijgen

Zo was het vroeger. Kansarmoede in het schaken; kon je niet genoeg tornooien spelen om je in een bepaald klassement in de hoogste regionen te nestelen (misschien wel omdat je in een boerengat in een uithoek van het land woonde en je ouders het niet zagen zitten om altijd op daguitstap te gaan naar een schaaktornooi op meer dan een uur rijden van huis), kon je club je enkel de basislessen aanbieden en konden je ouders het zich niet financieel permitteren om een privétrainer op je af te sturen, dan viel je al gemakkelijk uit de boot. Nu is alles anders.

De kansarmoede is niet verdwenen – zal het dat ooit zijn? – maar de drempel is al heel wat verlaagd. Steeds meer worden er regionaal schaaklessen aangeboden voor elk niveau. Je hoeft niet meer tot de top van het land te behoren om recht te hebben op goed georganiseerde schaakcursussen. Je hoeft je niet per se blauw te betalen aan een privétrainer, nu ook de gewone clubtrainers steeds beter gevormd zijn. Het jeugdschaak begint structuur te krijgen. En structuur staat garant voor kwaliteit.

MichielsNiet dat er vroeger geen kwaliteit was. Elke generatie heeft zijn toppers. Ik ben er zeker van, als u sinds jaar en dag schaakt, dat u zonder moeite enige namen kunt noemen wanneer ik u vraag wie de toppers waren in uw tijd. We hoeven niet eens naar een al te ver verleden terug te blikken als we het over Bart Michiels hebben, de jongste IM die België ooit gekend heeft. Het verschil is, dat het voor spelers als Bart niet echt de moeite waard was om Belgische jeugdtornooitjes te spelen, terwijl het voor Tanguy Ringoir allesbehalve een evidentie is om tegen bepaalde Belgische bijna-leeftijdsgenoten te winnen. En Soors mag dan wel tweede geworden zijn op het WK, zijn Belgische concurrenten legt hij zo gemakkelijk niet over de knie. Vandaag de dag is het veel minder lonely at the top.

Met al dat gepraat over de top zouden we de Olympische gedachte nog vergeten. Niet enkel in de diepte is het jeugdschaak erop vooruit gegaan, de breedte mag er ook wel wezen. Getuige daarvan de stroom (eigen drank consumerende en bergen afval achterlatende, we weten het) kindjes en jongeren die de tornooitjes overal in het land week na week ontvangen. Getuige daarvan ook het succes van het BK de laatste jaren. Getuige daarvan eveneens het steeds groter wordende probleem van interclubrondes tijdens de examens. Het imago van schaken als cafésport, beoefend door oude mannetjes lurkend aan hun pijp, ligt ver achter ons.

OpetenMaar we kunnen nóg beter. Daarom is er vorig jaar een schoolschaakproject opgestart, waarin de liga’s – gesteund door de VSF – scholen schaaksets in bruikleen geven op voorwaarde dat die borden ook daadwerkelijk worden gebruikt. En dan niet om op te eten, welteverstaan. De put van de scholen zit vol jonge visjes, waar kunnen we dan beter onze hengel uitwerpen dan daar? Hoe meer zielen, hoe meer vreugd. En hoe meer subsidies. En dus hoe meer middelen om nóg meer structuur te brengen. Hoe meer kans op toppers dus. En op een dag zal een kleine Grote Belg niet meer vooraf gegaan worden door drie Indiërs. Op dat moment krijgen we een schakersboom zoals ons land enkele jaren geleden onder invloed van Clijsters en Henin een tennissersboom gekend heeft. Dan worden we misschien zelfs een nationale sport. Worden Ketnetprogramma’s onderbroken om een belangrijke schaakpartij uit te zenden.

Dat is het plan. Tot die tijd zijn we gewoon blij als we een vijfjarig kindje in Schellebelle een leuke hobby kunnen aanbieden. Voor het leven. Want binnen tachtig jaar is dat snuitertje van vijf de oude man of vrouw met de pijp van ons imago. Wat zullen zijn artrose-botten gelukkig zijn dat hij op zijn vijfde een schaakspel cadeau kreeg, en geen rugbybal.

Peaches

Dinsdagavond zijn we met een groep vrienden naar Brussel gereden, omdat Peaches een concert gaf in de AB. De Ancienne Belgique. Dit zeg ik er maar even bij, want zelf leerde ik pas enkele weken geleden dat die twee veel genoemde concertzalen eigenlijk één en dezelfde concertzaal zijn. België alweer een place to be armer…

http://www.melkweg.nl/mmbase/images/138081/0508_Peaches_LR.jpg

Waarom Peaches? Wel, haar muziek is zeker niet slecht, dat moet gezegd. Maar voor de muziek alleen moet je niet naar Brussel rijden op een vrolijke dinsdagavond. Daarvoor kan je evengoed een cd’tje opleggen en in je bed gaan liggen. Dan kies je zelf hoe luid of hoe stil je de klanken tot je laat komen, welk liedje je op welk moment wilt horen en vooral, wie er wel en niet dicht bij je in de buurt is.

Want dat is het nadeel aan concerten. Misschien vind jij dat wel een voordeel, dat er zweterige lijven in je persoonlijke ruimte binnendringen, maar dan ben je volgens mij wel heel wanhopig op zoek naar fysiek contact.

Gelukkig viel dat dinsdag allemaal nog wel mee. Het begon niet zo goed voor mijn persoonlijke ruimte. De zaal leek veel te klein voor het volk dat er opeen gedrukt stond. Gelukkig hoorden we al gauw dat de rechterkant van de zaal veel minder bevolkt was. En inderdaad, de ademruimte die mij daar geboden werd, zorgde ervoor dat ik volop van Peaches kon genieten.

Als niet voor de muziek alleen, waarvoor dan wel? De sfeer. Het prototype-antwoord, maar wel het correcte. De muziek, de zangeres, de show (die op wikipedia bijna als een seksshow beschreven wordt, maar daar is niets van aan. Ok, je ziet eventjes een man in monokini, maar dat zie je in de zomer in elk Gents park wel (er was ook een meisje in monokini, maar die was geen onderdeel van het optreden). Er worden natuurlijk wel allusies gemaakt – wat wil je, de liedjesteksten zijn ook niet altijd van de braafste, denk maar aan Fuck the pain away. De zangeres zingt bijvoorbeeld een deel van de avond in een lijfkleurig pakje; maar de perversie daarvan zit volledig in het hoofd.

Het werd een avondje meegesleept worden door de roes van de muziek. Één zijn met de massa, maar meer dan dat, één zijn in de massa. Zonder de massa. Vreemd hoe je nadien enkel nog een vage benadering van een gevoel overhoudt en je je met de beste wil van de wereld niet meer kunt herinneren hoé je je precies voelde. Wát er precies zo goed was. Wat zij deed daar op het podium en tijdens welk liedje. Je was er, dat bewijst het ticket in je zak. Maar de rest is vaag, als was alles maar een droom.

Al is er als herinnering enkel een ticket en een vaag gevoel, het concert van Peaches in combinatie met de afterparty, zorgen voor een avond die ik niet snel zal vergeten – en waar anderen dan weer al grote stukken uit vergeten zijn.

Deductie

Als je languit achterover in je bed zit met je laptop op je schoot, als de vogeltjes die zich door je open raam een weg naar je oren fluiten, je een vakantiegevoel bezorgen, als je om het halfuur tien minuten spelletjes speelt, als je bij de helft van de liedjes die uit je boxen galmen de volumeknop 90° naar rechts draait, als je de film van je verleden wel 100 keer door je hoofd laat waaien, als alles en iedereen interessanter lijkt dan dat ene ding,…

… dan ben je aan je thesis aan het werken.

En als je in mei je thesis nog niet beu bent, dan ben je niet goed bezig.

Of je bent een vakidioot.

Ik hoop op het tweede.


Volg je neus,

dan kom je er wel!

a

Jij bent bezoeker

  • 46,037

Ik tel de dagen…

mei 2009
M D W D V Z Z
« Apr   Jun »
 123
45678910
11121314151617
18192021222324
25262728293031