Archief voor juni 2008

Doe aan sport

Vroeger in de muziekschool leerden we naast noten zingen (en natuurlijk piano spelen) ook soms gewone liedjes. Één van die liedjes ging als volgt:

Ik heb een goed rapport
ik doe aan sport
‘k eet alles van mijn bord
ik doe aan sport
mijn dagen zijn te kort
ik doe aan sport
en als er thuis een keer iets schort
of als de leraar heeft gemord
dan niet gekniesd of niet geknord
ik stort mij in de sport

De sportieve lezer knikt enthousiast wanneer hij dit leest: er zit veel waarheid in dit liedje, denken ze. De minder sportieve lezer zucht, en dreigt al verloren te zijn bij de titel van dit bericht. Voor deze laatste: Proficiat, je bent al tot hier geraakt. Nog een beetje verder en wie weet, morgen trek ook jij misschien je loopschoenen aan.

Vroeger behoorde ik ook tot de niet-sporters. Ik heb nooit gedacht: pff, sporten, niets voor mij. Neen, in tegendeel, ik heb altijd graag gesport. Tenminste, achteraf. Na de LO-les voelde ik mij altijd goed. Ik had dan wel altijd een beetje een hoestje de rest van de dag, maar ik voelde me ook een beetje licht in mijn hoofd, en ik voélde mijn lichaam. Dat vond ik wel leuk.

Niet leuk genoeg blijkbaar om zelf, 100% vrijwillig, op regelmatige basis een beetje te gaan sporten. Puur voor het plezier. Daar had ik de tijd niet voor. Of de knieën. Of ik wilde liever wat langer in mijn bed blijven liggen. Wat langer op de computer zitten. De eerste vijf minuten van de film niet missen. Een partijtje schaken tegen mijn moeder. Mijn boek uitlezen. Je kent het wel.

Vorig jaar in september wilde ik dan toch écht iets doen van sport. Omdat ik 5 dagen op 7 in Gent vertoef, leek het me het beste daar een sport te zoeken. Lang duurde het niet voor ik de ideale sport gevonden had: één keer per week ging ik roeien.

Zalig om op het water te vertoeven, eenden, reigers en andere waterdieren van relatief dichtbij te zien, het water te horen klotsen, het regelmatige ritme van je slagen te voelen, het water te ruiken, de mensen langs het water te bestuderen…

Helaas, in het tweede semester werden de roeitrainingen verlegd naar een dag in de week die mij niet paste. Op zoek naar een andere sport.

Het duurde een tijdje voor ik iets leuks wist, en ik dreigde in mijn oude sportloze leventje te vervallen. Tot een vriendin en ik beslisten om elke week af te spreken op de atletiekpiste en er onze toertjes te lopen.

Nu lopen we al enkele maanden, en het gaat heel goed. Ik heb geleidelijk aan opgebouwd tot de 8 km en die loop ik nu zonder al te veel moeite. Ik word zowaar een beetje sportverslaafd: nu het vakantie is, houd ik het niet op de ene keer in de week. Ik doe elke dag wel iets van sport.

En is dat een sleur? Neen. Sport is leuk! En omdat er zo veel mogelijkheden zijn, is er voor elk wel wat wils. Houd je van ballen? Iedereen kan je wel een handvol sporten opnoemen die wel iets voor jou zouden kunnen zijn: basketbal, voetbal, volleybal, handbal, netbal, tennis, baseball, rugbysquash, hockey, krachtbal, waterpolo,… Ben je niet zo’n ballenmens? Mogelijkheden zat: lopen, fietsen, zwemmen, muurklimmen, paardrijden, roeien, badminton, turnen, judo, surfen, dansen, skaten, springen, boogschieten, schaatsen, wandelenboksen, zeilen, schermen,… Je kunt er één uit het lijstje kiezen, en kun je niet kiezen, probeer ze dan eens allemaal!

En dat sporten heeft ook nog andere gevolgen: waar mijn uitstelgedrag het vroeger altijd van mijn karakter won, moet het nu af en toe toch eens het onderspit delven, en dat in de vakantie!

En met die vakantie voor de deur (of misschien is ze ook voor jou al een tijdje bezig), is dit het ideale moment om er eens werk van te maken. En wanneer de dagelijkse sleur weer begint, zal je met veel plezier regelmatig ter ontspanning gaan sporten!

WhatPulse

Een paar maanden geleden ben ik gezwicht onder de druk van mijn broertje: ik heb het programma WhatPulse op mijn computer geïnstalleerd en heb me aangesloten bij het FOK!-team.

Wat?

WhatPulse is een programma dat je aantal toesten en je aantal muiskliks telt, en de afstand die je met je muis op het scherm hebt afgelegd. Waar dient het voor? Nergens voor. Maar het is wel leuk. Wil je weten welke toets je het meeste typt? Geen probleem: kijk naar je key frequencies en je weet exact hoeveel keer je jouw lievelingstoets ingedrukt hebt. Leuk hé!

En waarom steek je eigenlijk al dat werk in die bachelorpaper of die scriptie? Om punten te krijgen natuurlijk. Maar met WhatPulse heb je er een nieuwe beloning bij: enkele uurtjes hard labeur levert je een heleboel keys op!

Die beloning is natuurlijk des te groter als je je keys niet voor jezelf houdt. En daarom heb ik me bij het FOK!-team aangesloten. Om de 25000 keys (het aantal kies je zelf) stuurt mijn programma mijn toetsenaantal door naar de server, en de dag erna vind ik mezelf dan terug in de statistieken (grootste pulse, hoogste stijger, een belangrijke kaap bereikt, noem maar op!). Zo help ik FOK! om zo hoog mogelijk te scoren in het algemeen klassement, en zelf stijg ik gestaag ook in het individueel klassement. Momenteel sta ik op plaats 630 met 1.534.783 keys. Vandaag ben ik weer 4 plaatsen gestegen doordat ik gisteren 25000 gepulsed heb.

Binnen FOK! zit ik nog in een subteam: België, dat mijn broer opgericht heeft. FOK! is een Nederlands forum, dus de Belgen zijn in de minderheid, maar toch slaan we goed onze slag. We waren met z’n tweetjes begonnen, en nu zijn we al met vijf, waardoor we negende staan in het subteam-klassement!

Wie geïnteresseerd is: hier vind je een gemakkelijk volgbare omschrijving van hoe je het programma kunt installeren en hoe je FOK! kunt vervoegen. Vergeet ook niet om lid te worden van het Belgische subteam! En vooral: voel het yes!-gevoel elke keer dat je gepulsed hebt!

Het heeft niet mogen zijn…

Na Nederland-Frankrijk zat ik nog vol goede hoop voor onze zuiderburen. Ze zouden Italië dinsdag wel naar huis spelen en zelf in de kwartfinales het spel maken tegen Spanje. Daarna in de halve finale zouden ze zich wreken op Nederland. En wie ze ook in de finale tegen zich zouden krijgen – Portugal of Duitsland, was mijn gok – zou van het kastje naar de muur gespeeld worden. De titel was al bijna binnen.

Let op de bijna in mijn vorige zin. Daar zit alle waarheid in. Bijna is niet helemaal, en is in dit geval zelfs helemaal niet. Want de kwartfinale tegen Spanje kunnen ze niet winnen. Ze mogen hem immers niet spelen. Italië heeft hén naar huis gespeeld in plaats van omgekeerd. Mijn script niet goed gelezen blijkbaar…

verdrietig

Na de Exquisa nu ook Frankrijk. Mij wil je duidelijk niet als supporter. In’t vervolg zal ik me koest houden…

Hop hop hop! Holland naar de top!

Vrijdag de dertiende – Hoe het echt was

Kinderen voor Kinderen heeft gelijk gekregen – vrijdag de dertiende een rotdag? Lariekoek en apekool!

Veilig en wel ben ik op mijn examen geraakt, mooi een half uur te vroeg, zoals gepland. Nou ja, gepland… Zoals de uren van mijn trein voor mij gepland hadden. Of toch niet helemaal, want eigenlijk kon ik ook een half uurtje later vertrekken, met een P-trein: piekuurtrein. Of tussentrein, als je wilt. Maar dat zou natuurlijk niet slim zijn, want dan ben je heel nipt op tijd, en als je maar met z’n drietjes examen moet doen, en iedereen zit minder dan een kwartier binnen, dan zorg je maar beter dat je wél op tijd bent.

Een half uur te vroeg dus, wat betekende dat ik als eerste binnen mocht. De professor begon vrij stipt om 9 uur, ook zoals gepland. Vroeger hoefde hij van mij niet te beginnen. Er zijn zo van die proffen die een half uur of een kwartier te vroeg beginnen, als ze zien dat er al volk zit. Dat wil ik niet, want ik heb al mijn tijd nodig om te herhalen. Ik ben zo iemand die herhaalt tot de deur opengaat. Niet omdat ik aan het stressen ben (met mijn mp3-speler in mijn oren ben ik de kalmte zelve), maar omdat dat voor mij het beste is. Al wat ik pas nog gezien heb, zit er dubbel zo goed in, in dat kopje van me.

Stipt om 9 uur ging de deur dus open, en de grote wijzer had nog geen 90° in wijzerzin -want daar is het een wijzer voor – gedraaid, of ik stond alweer buiten. Alles was goed gegaan. Ik had mezelf niet op tussentalig taalgebruik betrapt, en ik vermoedde dat de prof dat ook wel niet gedaan zou hebben. Of toch niet te erg. En wát ik gezegd heb, zal hem ook wel niet doen fronsen hebben.

Voor de middag was ik dus alweer thuis. Zonder ongelukken. Ook na de middag liep alles zoals het hoorde. In niets dat ik deed, had ik last van de verdoemde datum. Behalve…

Nederland-Frankrijk

Het voetbal! Gekleed in mijn Frankrijktshirt – voor mijn achttiende verjaardag van mijn vriendinnetjes gekregen, samen met een Franse vlag, waarmee ik helaas niet kon supporteren gisteren omdat ze aan de muur hangt op mijn kot – keek ik naar de match Nederland-Frankrijk, uiteraard hevig duimend voor Les Bleus. Menig lezer uit het land van Oranje zal niet gelukkig zijn als hij dit leest, maar die moeten zich dan maar troosten met het feit dat mijn favoriete ploeg het onderspit moest delven. Met 4-1 nota bene! Vrijdag de dertiende voor de Fransen? Niet echt, want als we eerlijk zijn, moeten we toegeven dat het elftal van onze noorderburen het niveau haalde van een kampioenenploeg. Bij deze beloof ik plechtig, dat als Frankrijk na dinsdag naar huis moet, dat ik dan voor den Ollander supporter. Maar zo ver zijn we nog niet: dinsdag zullen we Italië wel verslaan, en dan werken we ons wereldbekergewijs (voor de goede verstaander betekent dat: steeds beter spelend) naar de finale, alwaar er geen Materazzi zal zijn om vuile dingen te zeggen, noch een Zinédine “Zizou” Zidane om daar met het hoofd een antwoord op te geven. Frankrijk kampioen? We blijven hopen.

Vrijdag de dertiende

Om de zoveel tijd dringt hij zich op, toevallig altijd op de vijfde dag van de week: die vrijdag de 13e. Menig lezer voelt nu de rillingen over zijn rug lopen. Wees voorbereid, want daar is hij weer! Nog twee dagen en hij is in’t land, de lievelingsdag van heksen en weerwolven en al het gespuis dat zich verkneukelt bij het idee anderen te zullen zien lijden.

Nou, toevallig, heel toevallig, valt ruim drieëndertig procent van mijn examens op die verdoemde dag. Gesidder en gebeef van mijnentwege, want er is zo veel dat fout kan lopen op een examendag.

wekker werkt niet

Misschien werken mijn beide wekkers plots niet meer, en overslapen mijn ouders zich ook, zodat ik nog in een diepe slaap verzonken ben terwijl ik eigenlijk al klaarwakker examen moet zitten afleggen.

Misschien loopt mijn wekker trouw op het juiste uur af, maar verslik ik me in mijn tas melk, waardoor die melk mijn mondeling examen-tenue bekladt. Dan sta ik voor de verscheurende keuze: andere kleren aantrekken en de trein missen, of met bemorste kleren mijn kennis gaan verkondigen?

Stel, de melk loopt braaf mijn mond in, ik stap op de fiets en een auto rijdt me omver. Zwaar bebloed en mankend sukkel ik richting Gent, alwaar ik bijna flauwval door het vele bloedverlies. Mijn concentratie is natuurlijk ver te zoeken.

auto

Maar geen nood, misschien mist de auto me wel op een haar na. Aan het station sta ik dan op mijn trein te wachten, wanneer ik hoor dat geen enkele treinbestuurder bereid is me naar de Oost-Vlaamse studentenstad te brengen; onaangekondigd staken ze liever.

Geen onaangekondigde staking, wel iemand die geen zin heeft in examens en vrijdag de dertiende het ideale moment vindt om voor de trein te springen. Mijn trein nota bene! Daar zit ik dan, uren te wachten tot we weer voort kunnen rijden.

ladder

Geen springer onderweg, ik ben veilig in Gent aangekomen. Ik wandel van het station naar de Blandijnberg. Dan duurt het niet lang voor je een ladder tegenkomt, dat weet iedereen. Glimlachend loop ik om de ladder heen. Mij krijgen ze niet hoor, niet vandaag! Echter, te veel naar de ladder loenzend, heb ik de kat niet gezien die mijn pad wilde kruisen en waarover ik struikel. Kleur: zwart. Mijn handen geschaafd. Bloed op mijn beige-witte broek.

zwarte kat

Gelukkig maar, geen zwarte katten te bespeuren in Gent! Mooi op tijd kom ik op de Blandijn aan, geen stofje op mijn kleren, geen schrammetje op mijn lijf. Gewapend met kennis om aan de prof tentoon te spreiden! Helaas, door te veel over tussentaal te leren, slaag ik er niet meer in om Algemeen Nederlands te spreken. Zo zeer mijn best doend om tussentalige elementen uit mijn taalgebruik te bannen, begin ik in het Frans, het Duits, het Engels, het Chinees (een taal waarvan ik niet wist dat ik die beheerste). Helemaal in de war slaag ik er zelfs niet meer in inhoudelijk correcte dingen te zeggen. Niet dat dat verschil maakt, want de prof begrijpt toch geen woord van mijn gebrabbel…

Neen, eigenlijk geloof ik niet in vrijdag de dertiende. Mijn examen zal goed zijn, of toch zo goed als je dat van mij kan verwachten. Al dat bijgeloof, dat is onzin, dat weten zelfs de kindjes van Kinderen voor Kinderen:

Ik ben vrijdag de dertiende geboren
Voor iedereen een rotdag maar voor mij een feest
Maar dat wil niemand van mij horen
Ze denken dat m’n leven rampzalig is geweest
Lariekoek en apekool


Volg je neus,

dan kom je er wel!

a

Jij bent bezoeker

  • 43,455

Ik tel de dagen…

juni 2008
M D W D V Z Z
« Mei   Jul »
 1
2345678
9101112131415
16171819202122
23242526272829
30