Archief voor november 2007

Lange haren, korte haren

Halverwege september heb ik na enkele maanden twijfelen de stap gezet om eens volledig van kapsel te veranderen. Nu we  ruim twee maanden verder zijn, is het tijd voor een evaluatie van die grote stap.

Geen evaluatie zonder historiek. Het wordt geen “geschiedenis van mijn kaalheid”, want ik ben niet kaal. Of toch niet meer. Een “De man die zijn haar kort liet knippen” hoef je ook niet te verwachten. Ik ben immers geen man.

Een historiek dus. Van mijn haar. Logischerwijze begint een historiek bij het begin. En in den beginne was er niets. Niets? Toch wel hoor, in den beginne waren er plukken ros haar. Mijn pa hield zijn hart vast toen hij me voor het eerst zag. Was ik van de postbode? De melkboer?

Geen of weinig haar, gecamoufleerd door een pet

Tot groot jolijt van mijn beider ouders vielen die haren al gauw uit. De pret duurde echter niet lang. Want wat er in den beginne niet was, was er nu wel: niets. Maanden ben ik kaal geweest. Was ik van de boeddist van op het einde van de straat?

De geschiedenis van mijn kaalheid bleef echter niet duren. Ter compensatie van mijn langdurige haarloosheid liet ik mijn haren groeien en groeien. Mijn mama kamde mijn haren, ze deed er een vlechtje in of een staart (Saartje paardestaartje), of liet het gewoon open hangen.

In de groeifase

Later moest ik natuurlijk zelf mijn haar doen. En als ik zelf iets moet doen, dan is er één heilige regel: hoe simpeler, hoe liever! De borstel erdoor en klaar is Kees!

Lange haren

Die fase heeft jaren geduurd. Lange haren, om de paar jaar naar de kapper om te laten toppen. Meer niet. Mijn haar moesten ze gerust laten!

Een tweetal jaren geleden, na veel geleuter van mijn beste vriendinnen (die ik trouwens bewonder om hun overtuigingskracht), vertrouwde ik mijn kapsel aan de kapper toe: mijn haar mocht een heel klein beetje versneden worden. Dat was ook het moment dat ik mijn haar tot op schouderlengte liet knippen. De eerste stap richting kort haar was gezet.

Al een stukje korter

En in september 2007 volgde dus de volgende stap: mijn haren moesten kort. Ik toonde de kapper een fotootje van mijn grote idool: de actrice Katherine Moennig. Shane uit “The L-word”. En als de kapper dat niet kon, dan moest hij maar zorgen dat het iets in die trant was: speels en wild.

Katherine Moennig/ Shane

Is de kapper erin geslaagd? Soms is het inderdaad speels en wild. Als ik uit mijn bed kom. Als ik overdrijf met de hoeveelheid gel. Als ik in de regen gelopen heb. Soms is het helemaal niet wild.

Maar ik ben tevreden. Bijna iedereen vindt het mooi, beter dan vroeger,…

Ik met kort haar

En ik heb nog steeds niet veel werk aan mijn kapsel. Een kam moet ik er niet meer door worstelen. Gewoon wat gel op mijn haren smijten en dat is dat. Dus we kunnen niet klagen hé!

Jehova’s getuigen

Toen ik daarnet in de auto stapte om een interview te gaan afnemen voor school, kon ik nog niet meteen wegrijden omdat er een groepje mensen achter mijn wielen stond. Een vrouw maakte van de gelegenheid gebruik om mij aan te klampen: of ik een foldertje wilde van “Binnenkort geen lijden meer”. Één van de mensen in haar groepje was een rolstoelpatiënt, dus ik dacht dat het iets te maken zou hebben met zieken of gehandicapten. Het prentje dat op de voorkant van het foldertje stond, deed me echter vermoeden dat deze mensen getuigen waren. Getuigen van Jehova. Het foldertje bevestigde mijn vermoeden.

foldertje Jehova

Vroeger kregen we vaak Getuigen aan de deur. Ik herinner me nog dat mijn moeder ons waarschuwde dat we niet naar de deur moesten hollen als de bel zou gaan, want dat ze die getuigen weer in de straat gezien had. Ik herinner me ook nog de ellenlange redevoeringen die ze hielden als we wél eens de deur openden. De laatste jaren krijgen we echter nog slechts zelden dergelijke ongewenste bezoekers.

In het zesde middelbaar heb ik samen met twee vriendinnen mijn eindwerk van godsdienst over de Getuigen van Jehova gemaakt. Om ons te kunnen inleven in hun situatie, hebben we een viering meegevolgd. Het viel meteen op hoe vriendelijk die mensen ons ontvangen hebben. Iedereen verwelkomde ons persoonlijk, iedereen stond open om op onze vragen te antwoorden… Die vriendelijkheid werkt betoverend: al gauw ga je denken dat het er eigenlijk nog wel leuk is, dat de Getuigen van Jehova nog zo slecht niet zijn.

Maar dan zie je de vrouwen en plots kan je weer nuchter denken. De vrouwen zijn verplicht om een rok te dragen. Misschien is het oppervlakkig, maar dat is voor mij een reden om nooit lid te worden van een dergelijke organisatie. Dat is echter niet de enige of belangrijkste reden: hun ideeën zijn kortzichtig. Ze zijn bijvoorbeeld resoluut tegen homoseksualiteit. Eigenlijk niet tegen homoseksualiteit op zich, maar wel tegen de daad. Een mens mag “zulke gevoelens” hebben (iedereen kan ziek zijn hé), maar hij mag er niet naar handelen. Jongeren mogen wel uitgaan, maar ze mogen niet in de verleiding komen om te drinken, te roken… Ze mogen wel een vriend(innet)je hebben, maar dan moeten ze die proberen te bekeren. Ze mogen er ook niet te veel mee doen, met dat vriend(innet)je, als je begrijpt wat ik bedoel.

kussen

Er is te veel moeten en niet mogen bij de Getuigen van Jehova. En te weinig mogen en niet hoeven. “Binnenkort geen lijden meer”? Misschien kunnen ze eerst zelf wat soepeler worden, dat zou de kinderen die in getuigen-gezinnen opgroeien heel wat lijden besparen.

De Weerwolven van Wakkerdam

Het is nacht in het kleine dorpje Wakkerdam. Iedereen slaapt. Je hoort er geen geluid, je ziet er geen beweging. Of toch?

Het is nacht in het kleine dorpje Wakkerdam. Iedereen slaapt. Iedereen?

De weerwolven van Wakkerdam

Het is een mooie nacht in het kleine dorpje Wakkerdam. Een mooie nacht voor de weerwolven om hun slag te slaan. Om hun honger te stillen. Iedereen slaapt immers.

Het is een lekkere hap voor de weerwolven van Wakkerdam. Verzadigd kruipen ze weer hun bed in. Iedereen slaapt.

De zon komt op in het kleine dorpje Wakkerdam. Wakkerdam wordt wakker. Het belooft een mooie dag te worden in het kleine dorpje Wakkerd…

Aaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaah!

“Bolle Jan van de bakker, je weet wel, die met zijn knikkers!” “Weer de weerwolven?”

Er heerst onrust in het kleine dorpje Wakkerdam. Wakkerdam wantrouwt. Wie zijn nu toch de weerwolven?

Garry Kasparov in België

Maandagavond gaf Garry Kasparov een simultaan in België. Groot nieuws voor schakend België, want Kasparov, ex-wereldkampioen, is de beste schaker ter wereld. Of dat wás hij toch toen hij enkele jaren geleden op pensioen ging. Zo’n persoon spreekt tot de verbeelding van elke schaker: iedereen wil wel eens tegen Kasparov spelen!

Kasparov als schaker

De simultaan maandag leek dus dé kans om menig schakers kinderdroom in vervulling te doen gaan. Een dertigtal Belgen zouden immers tegen de flegmatieke wereldkampioen mogen spelen.

Die droom werd al gauw aan diggelen geslagen, toen bleek dat Kasparov niet tegen schakers, maar wel tegen bedrijfsleiders zou spelen.

24 bedrijfsleiders, aangevuld met 2 jeugdschakers om de schaakwereld toch ietwat gelukkig te stemmen, namen het afgelopen maandag dus vol goede moed op tegen de Russische grootmeester op rust. Anderhalf uur volstond om al die tegenstanders één voor één naar huis te spelen. Een belachelijk schouwspel. Niet meer, niet minder.

Maar toch mogen we niet klagen. Het edele schaakspel heeft weer enkele dagen het nieuws gehaald. Vermeldingen in de tv-journaals, in de nationale kranten, een reportage in “Koppen”… De hoop rijst weer op: kan schaken dan toch op televisie uitgezonden worden? Kunnen er onder de bedrijfsleiders sponsers gevonden worden?

Maar die hoop is slechts ijdel: de aandacht van de pers richtte zich veeleer op de politieke ambities van de schaakmeester, die als oppositieleider een politieke campagne voert tegen Putin. De aandacht van de bedrijfsleiders ging voornamelijk naar de andere bedrijfsleiders, naar de onderlinge contacten. Het schaken was slechts een bindmiddel.

Kasparov als oppositieleider

Een promotiestunt van een bedrijf. Een promotiestunt van een politiek grootmeester. En het schaken als bindmiddel. En wij schakers? Wij kunnen niet anders dan te juichen. Dan dankbaar te zijn, dat we bindmiddel móchten zijn. En als we meer willen, dan zullen we er zelf voor moeten zorgen, voor onze promotiestunt.

A shot at love with Tila Tequila

Gisteren heb ik naar enkele afleveringen van het Amerikaanse MTV-programma “A shot at love with Tila Tequila” gekeken. Amai! Ik raad het iedereen af! Sensatie krijg je, dat is zeker, maar de vraag is: willen we dat wel? Om jullie een beeld te geven van, zal ik jullie even een schets geven van de eerste twee afleveringen (verder ben ik niet geraakt):

Tila Tequila

Tila Tequila is blijkbaar een vrij bekend fotomodel. Ze loopt in het programma de hele tijd rond in een soort van bikini die meer toont dan me lief is. Het blijkt echter al gauw dat die bikini haar op het lijf geschreven staat. Bij de eerste kennismaking is ze niet te verlegen om al meteen enkele jongens innig te kussen.

Maar dan komen er ook meisjes in het spel. “I haven’t even told my parents, but I’m a bisexual”. Ook daar worden er enkele tongen gedraaid. Soms zelfs geheel zonder respect in het bijzijn van één van de andere kandidates.

Nou ja, sommige mensen zijn nu eenmaal players…

Maar als het alleen Tila Tequila zelf was geweest die me stoorde, dan was er nog niet echt een probleem geweest. Ik stoorde me ook hevig aan Niki’s stem in “Niki’s Geheim”, maar ik heb de reeks toch volledig gezien.

Neen, ook de kandidaten (de mannelijke) zijn verschrikkelijk. De programmamakers hebben duidelijk zo veel mogelijk testosteron in het programma willen steken, met als gevolg dat er in elke aflevering wel een heus gevecht ontstaat. En Tila vindt dat duidelijk niet erg, want ze stemt er de vechthanen niet eens uit.

Nu ja, beeld je die paar testosteronbommen in bij een aantal mannenhatende lesbo’s. Verschijnt er spontaan een glimlach op je snoet? Kijk dan maar eens naar “A shot at love…” en oordeel zelf.

Real life drama

Ik heb gisteren in levende lijve mogen (of moeten eigenlijk) ontdekken wat voor een hemelsgroot verschil er is tussen iets “van horen zeggen hebben” en iets zelf meemaken. Een kotgenoot is letterlijk zot geworden. Of zat, naar het schijnt, maar waar trek je de grens? Ik noem geen namen maar voor de gemakkelijkheid zal ik hem Theofiel noemen. Of laten we het simpel houden: Bart.  

We hebben op kot op de eerste verdieping 2 TV-zalen en een keuken. Om in de tweede TV-zaal te komen, waar we zo goed als altijd zitten, moet je in de eerste TV-zaal en de keuken passeren.


Toen ik rond 19u naar beneden kwam om te eten, lag TV-zaal 1 vol met scherven van borden. In de keuken hetzelfde decor. In TV-zaal 2 zaten twee kotgenootjes die konden antwoorden op de vraag wat er gebeurd was. Nog half in shock vertelden ze me dat Bart borden stuk gegooid had. Zomaar. Op de grond. Niet naar personen, niet bij personen, gewoon in een lege kamer op de grond. A cry for attention?


Ik vond het allemaal nogal hilarisch. En ik was ook wel een beetje jaloers. Waarom had ik dat nu net gemist? 


We hadden die avond onze derde swingles. Toen we na die dansles naar De Slimste Mens zaten te kijken, hoorden we plots glasgerinkel in de keuken. Het gevoel dat op dat moment door je lijf gaat is onbeschrijflijk. Eerst schrik je, maar we wisten al wat er een paar uren eerder gebeurd was, dus sprongen we niet meteen recht. En dan werken je hersenen op volle toeren: wat moet je doen? Stil blijven zitten en hem maar laten begaan? Of rechtspringen en hem tegenhouden? Voor we ook maar iets konden doen, hield het gerinkel echter alweer op en vertrok Bart weer naar zijn kamer. 


Op dat moment valt alle spanning van je af. Je eerste reactie is: lachen. Daarna: allemaal door elkaar over de ervaring vertellen. Daarna: “We moeten de kotbaas verwittigen. Dit is niet grappig meer.”

De kotbaas wordt verwittigd. Hij is onderweg als plots opnieuw het breken van glas weerklinkt. De glasbak was nog niet helemaal leeg blijkbaar. Je geraakt er niet aan gewend. Weer zit je daar, versteend, en je kan alleen maar hopen dat de kotbaas op tijd zal zijn om Bart op heterdaad te betrappen. 

Hilarisch was het allemaal niet meer. En ik besefte nu ook wel dat ik niet jaloers had hoeven te zijn. Maar ik moet toegeven: af en toe een beetje drama maakt het leven interessanter!

Hallo!

Hallo!

Na lang twijfelen heb ik beslist om ook maar eens een blog bij te houden. Zo oefen ik mij wat in de wondaarbaarlijke kunst van het schrijven. Als jij zin hebt om daar het slachtoffer van te worden, voel je dan gerust geroepen om hier regelmatig mijn krabbels te komen bewonderen.

 Veel leesplezier,

Leisha K.

P.S.: Aan al wie zich afvraagt waarom hij geen Leisha K. Darcidensran kent, geen paniek: het is gewoon een pseudoniem. Mijn eigen naam is nu eenmaal niet echt betoverend.


Volg je neus,

dan kom je er wel!

Jij bent bezoeker

  • 17,024

What happened before...

Ik tel de dagen...

november 2007
M D W D V Z Z
    Dec »
 1234
567891011
12131415161718
19202122232425
2627282930