Halverwege september heb ik na enkele maanden twijfelen de stap gezet om eens volledig van kapsel te veranderen. Nu we ruim twee maanden verder zijn, is het tijd voor een evaluatie van die grote stap.
Geen evaluatie zonder historiek. Het wordt geen “geschiedenis van mijn kaalheid”, want ik ben niet kaal. Of toch niet meer. Een “De man die zijn haar kort liet knippen” hoef je ook niet te verwachten. Ik ben immers geen man.
Een historiek dus. Van mijn haar. Logischerwijze begint een historiek bij het begin. En in den beginne was er niets. Niets? Toch wel hoor, in den beginne waren er plukken ros haar. Mijn pa hield zijn hart vast toen hij me voor het eerst zag. Was ik van de postbode? De melkboer?
![]()
Tot groot jolijt van mijn beider ouders vielen die haren al gauw uit. De pret duurde echter niet lang. Want wat er in den beginne niet was, was er nu wel: niets. Maanden ben ik kaal geweest. Was ik van de boeddist van op het einde van de straat?
De geschiedenis van mijn kaalheid bleef echter niet duren. Ter compensatie van mijn langdurige haarloosheid liet ik mijn haren groeien en groeien. Mijn mama kamde mijn haren, ze deed er een vlechtje in of een staart (Saartje paardestaartje), of liet het gewoon open hangen.
![]()
Later moest ik natuurlijk zelf mijn haar doen. En als ik zelf iets moet doen, dan is er één heilige regel: hoe simpeler, hoe liever! De borstel erdoor en klaar is Kees!
![]()
Die fase heeft jaren geduurd. Lange haren, om de paar jaar naar de kapper om te laten toppen. Meer niet. Mijn haar moesten ze gerust laten!
Een tweetal jaren geleden, na veel geleuter van mijn beste vriendinnen (die ik trouwens bewonder om hun overtuigingskracht), vertrouwde ik mijn kapsel aan de kapper toe: mijn haar mocht een heel klein beetje versneden worden. Dat was ook het moment dat ik mijn haar tot op schouderlengte liet knippen. De eerste stap richting kort haar was gezet.
![]()
En in september 2007 volgde dus de volgende stap: mijn haren moesten kort. Ik toonde de kapper een fotootje van mijn grote idool: de actrice Katherine Moennig. Shane uit “The L-word”. En als de kapper dat niet kon, dan moest hij maar zorgen dat het iets in die trant was: speels en wild.

Is de kapper erin geslaagd? Soms is het inderdaad speels en wild. Als ik uit mijn bed kom. Als ik overdrijf met de hoeveelheid gel. Als ik in de regen gelopen heb. Soms is het helemaal niet wild.
Maar ik ben tevreden. Bijna iedereen vindt het mooi, beter dan vroeger,…
En ik heb nog steeds niet veel werk aan mijn kapsel. Een kam moet ik er niet meer door worstelen. Gewoon wat gel op mijn haren smijten en dat is dat. Dus we kunnen niet klagen hé!




